Terug naar gedichten
Eens in het rusthuis sint Amands aangekomen
Eens in het rusthuis sint Amands aangekomen
Zag ik jou in die zaal achter het glas zitten
En ik vroeg mij af ben jij nu aan het dromen
Of zit jij hier droevig wegkwijnend te vitten
Zelf moest ik mij wachtend voor dit raam intomen
jij hoefde te eten in plaats van te pitten
Maar ze brachten je hier om alleen te wonen
En elk bezoek kan jou alleen maar verhitten
Hoe zal ik mij eens ten hemel ooit verschonen
Voor deze verre hartverscheurende ritten
Die jouw wel beminde Dochter en twee zonen
Nu levenslang bezwarend zullen omspitten
Deze scheiding laat jou de dagen afromen
Alsof een verscheurt hart met duizenden kitten
Dat levensbe?indigend moet uitzomen
In die eenzaamheid van stervende eiwitten