Terug naar gedichten
In de verzoeking van de woestijn
Kom mee lieverd,
naar de vliering waar zwiermannetjes in de rondte dansen.
En in het weeë trillen van lichtvlinders, noten zichzelf kraken.
Ik fluister vliegende hartjes, staar je stilte…
Kleed me naakt onder de pijlen van Amor.
Uit gekristalliseerde glazen drinken we zoetjesaanmelk.
Vrijen, reizen mijlenver als gevallen engelen door hels land.
In het zwarte zand fladdert ‘t addergebroed om onze voeten.
En we nemen het manna tot ons en dragen zeven zonden.
Hahaha, moeder aarde zal onze geest over de aarde blazen…
Zoete dagen, zoete dagen leven op onder ons klaaggezang.
Ik ben niet bang, zolang ik maar mag sterven in jouw armen.